Home  |  Artikels  |  Citaten


Groene auto’s bestaan niet


Kris Peeters ['mobiliteitsexpert'], De Standaard, 24-10-2015.


Kris Peeters

Groene auto’s bestaan niet. Ook een elektrische wagen verplaatst vooral zichzelf, en zijn uitlaat bevindt zich gewoon buiten beeld. Bovendien, zullen we niet nog meer autorijden als we denken dat het toch geen kwaad kan voor het milieu? We hebben minder auto nodig, en meer mobiliteit. De milieubeweging moet dringend op zoek naar de juiste focus.

De Vlaamse regering voorziet voor kopers van elektrische auto’s een bonus die na enkele jaren al meer dan 10.000 euro kan bedragen. Dat is gul. Omdat we in budgettair krappe tijden leven, maar vooral omdat dat geld terechtkomt bij wie zich zo’n dure auto kan veroorloven. Een omgekeerde herverdeling dus, bij sociologen berucht als het mattheuseffect.

Twee ton Tesla

Toch blijft luid protest uit. ‘In tegenstelling tot mobiliteitsexpert Kris Peeters’, schreef de Bond Beter Leefmilieu (BBL) recent op zijn website, ‘vinden wij de “groene elektrische wagen” geen mythe, maar een noodzakelijk onderdeel van een energietransitie.’

Beste vrienden van het milieu, sta mij toe dat een vreemd standpunt te vinden. Want ‘groene’ auto’s, dat weten jullie even goed als ik, bestaan niet. Hooguit zijn sommige auto’s minder milieuonvriendelijk dan andere. Door het tegendeel te suggereren, maakt de milieubeweging zich medeplichtig aan greenwashing. Het probleem met elektrische auto’s is immers dat het auto’s blijven. Dit wil zeggen dat hun energie-efficiëntie bedroevend is. Ze verplaatsen vooral zichzelf. Een Tesla Model X zeult meer dan twee ton mee om een chauffeur van tachtig kilo te verplaatsen. Als een student productontwikkeling met zoiets op de proppen kwam, zouden we hem vragen opnieuw te beginnen.

Voorts mag er dan geen uitlaat zitten aan zo’n elektrische auto, het betekent niet dat die er niet meer is. Hij bevindt zich buiten beeld, in 87 procent van de gevallen vermomd als een schoorsteen van een thermische centrale (steenkool of gas) dan wel als een kernreactor. Die laatste mag dan geen CO2 uitstoten (als we de winning van uranium buiten beschouwing laten), vriendelijk voor het milieu is hij allerminst. Zolang de elektriciteitsmix is wat hij is, draait de levenscyclusanalyse qua broeikasgassen nauwelijks gunstiger uit voor een elektrische auto dan voor een klassieke auto met verbrandingsmotor. In het meest gunstige geval, zegt het Nederlandse kennisbureau TNO, moeten we nog altijd rekenen op 70 gram CO2 per kilometer. Dat is bepaald iets anders dan zero emission.

Het is stuitend met hoeveel gemak er van register wordt gewisseld, ook door de milieubeweging. Het ene moment gaat het over overconsumptie van elektriciteit en dreigende black-outs. Het volgende worden we met een campagne ‘steek de stekker in’ (van Natuurpunt) opgeroepen om ons te bevrijden van alle milieuzonden. Van uitlaat naar aflaat, het is voor wie er het geld voor heeft, maar een kleine stap.

775 gigawatt

Al wil het verhaal natuurlijk dat we in de toekomst allemaal op wind- en zonne-energie zullen rijden. Of toch minstens op de overtollige energie die ’s nachts geproduceerd wordt door kerncentrales die niet uitgeschakeld kunnen worden. Dat een groot elektrisch wagenpark wel eens het nieuwe argument pro kernenergie zou kunnen worden, is dat dan geen punt?

In de wereld zijn er zo’n 800 miljoen auto’s en volgens het WWF is een verdubbeling tegen 2030 niet denkbeeldig. Zelfs de elektrificatie van maar een fractie daarvan zal al een serieuze uitdaging worden. VMx, de beroepsvereniging voor milieuprofessionals, rekende het uit: om het Belgische wagenpark tegelijkertijd in korte tijd op te laden is er 775 gigawatt nodig, het equivalent van de energieproductie van de hele Europese Unie.

Ecopessimisme? Goed, laten we even aannemen dat we erin slagen onze elektriciteitsproductie te vergroenen en dat we, smart grid-gewijs, onze auto’s omvormen tot rijdende elektriciteitsreservoirs. Zou die elektrische auto dan een goede zaak zijn?

Helaas. Om te beginnen zouden die reservoirs even vaak stilstaan als de huidige diesel- en benzinereservoirs. Of nog vaker, want het rebound-effect zal keihard toeslaan: als autorijden ‘milieuvriendelijk’ is, wat houdt ons dan tegen om nog meer te gaan autorijden? De getuigenis van de voorzitter van de Belgische Tesla-fanclub in deze krant sprak boekdelen: ‘Als ik een brood en een pak melk moet halen, dan neem ik mijn Tesla, en ik ga bij de bakker een brood kopen. Daarna rijd ik terug naar huis. En dan rijd ik naar de winkel, voor dat pak melk.’

De kans is reëel dat er niet minder maar meer autokilometers zullen worden gereden. Wat meteen wil zeggen: meer energieverbruik, meer files, meer parkeerproblemen, meer gebruik van schaarse mineralen, meer vrijkomende toxische stoffen (want productie en recyclage van zo’n elektrische auto zijn allesbehalve schoon). En van sommige dingen zal er ook minder zijn. Minder ruimte bijvoorbeeld, in de eerste plaats voor echt duurzame vervoerswijzen zoals wandelen en fietsen. Het medicijn zou wel eens erger kunnen blijken dan de kwaal.



Home  |  Artikels  |  Citaten