Home  |  Artikels  |  Citaten


Wat nu met Cuba?


Humberto Fontova


Raul Castro
Raúl Castro

"Als ooit een Gorbatsjov hier zijn kop laat zien," snauwde Castro in 2002, "dan hakken we die er meteen af!"

Zo sprak Raúl - niet Fidel - Castro in 2002. En dit is de man van wie de Democraten, de mainstream media (en de geleerde "Cuba-experten" waarmee ze allemaal uitpakten deze week) beweren dat hij een "opening" zal tot stand brengen van het Cubaanse regime. Het hoeft geen betoog dat deze Cuba-"opening" een wederkerige VS-"opening" vereist.

Zo'n opening zou niet alleen de Cubanen veroordelen tot verdere tirannie, ze zou ook de VS-belastingbetaler plunderen.

De aankondiging deze week van Fidel Castro's aftreden was een loutere formaliteit. Wie herinnert zich niet de identieke aankondiging van juli 2006? In feite zullen vele Cubakenners bevestigen dat zijn jongere broer, Raúl, als hoofd van de Cubaanse strijdkrachten, Cuba grotendeels zelf bestuurd heeft gedurende decennia en nog meer uitgesproken de laatste vijf jaar.

In 2003 had Fidel Castro hoogstwaarschijnlijk een beroerte. Halverwege dat jaar kon men merken dat hij wartaal uitsloeg (althans meer dan gewoonlijk) tijdens toespraken, en herhaaldelijk pauseerde terwijl zijn geest vruchteloos de draad probeerde op te pakken. Aldra begon hij zijn toespraken af te lezen, moeizaam en woord voor woord, hetgeen compleet ondenkbaar was tijdens zijn gehele illustere redenaarscarrière.

YouTube heeft een video van een Castromonoloog van vorig jaar die je (als je Spaans verstaat) zonder meer overtuigt dat de man compleet kierewiet geworden is. Onder de hoogtepunten: "Het kwadraat van c is gelijk aan de lichtsnelheid," en "Kobalt blijft radioactief gedurende 500.000 jaar."

"En, wat nu met Cuba?" vragen velen. Met spijt in het hart moet ik een vers van de Talking Heads lenen: "Same as it Ever Was."

Cuba is een militaire dictatuur in de zuiverste betekenis van het woord. Toch wordt ze nooit zo genoemd in de mainstream media. Raúl Castro en zijn militaire makkers besturen Cuba al jarenlang en zijn er niet bepaald slechter van geworden. Van de 19 leden van het Cubaanse politbureau zijn er negen militair. Iets dergelijks heeft nooit bestaan in de Sovjetunie of in gelijk welk land van het Oostblok.

Het afgelopen jaar hebben vijf keer meer toeristen Cuba bezocht dan in 1957 toen Cuba bestempeld werd als een toeristische trekpleister. Elke dollar, euro, of wat dan ook, die gespendeerd wordt door deze toeristen belandt in de zakken van de enige groepering in Cuba met geweren - en met de sterkste stimulans om de status-quo te behouden.

Waarom zou Cuba's dievenbende vrijwillig haar eigen plannen dwarsbomen? Geen enkele "Cuba-expert" die ook maar een tipje van de sluier oplicht.

Het constante gekakel over het "VS-embargo", of de "blokkade" zoals de fanatiekste Castrofielen het noemen, verzwijgt het feit dat de VS momenteel Cuba's grootste voedselleverancier en vierde grootste handelspartner zijn. Een paar maanden geleden namen handelsdelegaties van 27 van de 50 staten deel aan een handelsbeurs in Cuba en tekenden contracten met het Cubaanse stalinistische regime. In 2007 verkochten de VS aan Cuba voor bijna een half miljard dollar aan goederen - tegen contante betaling.

Dit laatste punt is de hinderpaal voor het Castroregime en voor zijn agenten in de VS en dat verklaart grotendeels de recente heisa over een "opening" naar Cuba.

Het huidige VS-"embargo" van Cuba komt eenvoudigweg hierop neer: geen import-export-financiering door de VS voor gelijk welke handelstransactie met de huidige machthebbers in Cuba. Met andere woorden: geen financiële reddingsoperaties op kosten van de belastingbetaler voor politiek-gelieerde miljonairs die zaken willen doen met gekende wanbetalers en dieven (en stalinistische massamoordenaars).

Raúl Castro, ongeacht wat de mainstream media over hem ook mogen beweren, is niet degene die een steen in de Cubaanse kikkerpoel zal werpen. Raúl Castro was een toegewijde communist lang voor Fidel. In tegenstelling tot Fidel trad Raúl toe tot de jeugdafdeling van de Cubaanse communistische partij. Hij deed dit in 1953 en reisde met zijn ideologische strijdmakkers naar een communistisch festival in Wenen datzelfde jaar. Vandaar reisde hij tot achter het IJzeren Gordijn en ontmoette er Sovjetfunctionarissen.

Tegen 1957 had Chroesjtsjov hem al een persoonlijke KGB-trainer, Nikolai Leonov, toegewezen.

Fidel Castro verklaarde Cuba pas officieel "socialistisch" in april 1961 en zichzelf pas een "marxist-leninist" in oktober 1961. Toch bestond er reeds een mini-communistische staat in Cuba sinds begin 1958. Dit was het gebied waarover Raúl Castro het bevel voerde tijdens de anti-Batista opstand in het Cubaanse Sierra Cristalgebergte.

Vele Amerikanen van Cubaanse afkomst herinneren zich levendig de "goede agent/slechte agent"-strategie van de gebroeders Castro in 1959-60. Fidel was de goede agent. Zijn broer Raúl de slechte. "Er kan mij maar beter niets overkomen," waarschuwde Fidel vanaf zijn alomtegenwoordige kansel, suggererend dat zijn sinistere broer elk moment kon toeslaan. In augustus 1960 kroonde Time Magazine Raúl Castro tot "de vuist" van de Cubaanse revolutie. (Fidel was "het hart" en Che Guevara "het brein.")

Maar laten we ons een beeld schetsen van Raúl Castro door iemand die hem echt kende en regelmatig ontmoette. De Roemeense generaal Ion Pacepa was in rang de hoogste Oostblokspion die ooit overgelopen is. Hij was een goede kennis van Raúl Castro voor meer dan twee decennia. "Als hoofd van een van de ergste criminele instellingen van het communisme, was Raúl de slachter. Hij was verantwoordelijk voor het vermoorden en het terroriseren van duizenden Cubanen."

Merk op dat Pacepa Castro's politieke politie beschouwt als "een van de ergste criminele instellingen van het communisme." Dit wil wat zeggen, komende van een man die de knepen van het vak leerde van Stalins handlangers en die diende onder Nicolae Ceaucescu's hoofdspion. "Ik zag niets in hem dat erop wees dat hij ooit Cuba zou willen democratiseren," vervolgt Pacepa.

Momenteel zijn Raúl en zijn generaals allemaal een stuk in de zeventig of ouder. Deze mannen leefden als jonge volwassenen in een gezond kapitalistisch Cuba, waar arbeiders de achtste hoogste lonen ter wereld verdienden, waar het inkomen per hoofd hoger was dan in Oostenrijk en Japan, waar de middenklasse groter was dan in Zwitserland en dat overspoeld werd door Europese immigranten.

Onder deze omstandigheden hadden de huidige Cubaanse plunderaars niets bereikt. Eerlijkheid, hard werk, eigendomsrechten en gerechtigheid wekken hun afkeer op. De gedachte dat ze vrijwillig zullen overschakelen op een systeem dat zulke karaktertrekken en gebruiken beloont is bespottelijk. Ik herhaal: onder zo'n systeem faalden ze erbarmelijk.


Bron: What's Next for Cuba?



Home  |  Artikels  |  Citaten